skip to main content

Er is iets misgegaan, probeer het later nog eens.

Bedankt voor jouw aanmelding.

Meld je aan voor onze update

Blijf moeiteloos op de hoogte van al het reilen en zeilen rond de bruggen en kademuren in Amsterdam. Meld je aan voor onze updates en je mist geen verhaal!

De Kikkerbilsluis is een hefbrug. Die zijn behoorlijk zeldzaam in Amsterdam omdat ze niet passen in het beeld van de historische binnenstad en daarom worden geweerd. Een hefbrug is een brug waarvan het middelste gedeelte verticaal omhoog wordt gebracht, zonder de rijbaan te kantelen, om het vaarverkeer door te laten.

De enige andere hefbrug ligt bij de Omval, over de Weespertrekvaart. Beide bruggen zijn ontworpen door – hoe kan het ook anders – Piet Kramer, de meest productieve architect van bruggen in de geschiedenis van Amsterdam.

Deze brug bouwde Kramer in 1941, ter vervanging van een veel smallere ijzeren ophaalbrug, die daar in 1904 was gebouwd. De imposante brug was onderdeel van een groot verkeerskundig plan voor een binnenring, die het steeds drukker wordende verkeer om de oude binnenstad heen moest leiden. Uiteindelijk kwam die binnenring er pas in de jaren 60, met het zogenaamde IJ-tunneltracée.

De naam Kikkerbilsluis komt waarschijnlijk van de zeventiende eeuwse houtkoperij De Kikkerbil, die hier in de buurt gevestigd was. Kikkerbil was ook de naam van een stuk hout dat in de scheepsbouw werd gebruikt. Een andere uitleg is dat kikkerbil een verbastering is van ‘kwikkebil, wat in vroegere tijden ook een aanduiding was voor lichtekooien. Zij stonden hier ‘bij de sluis te wachten als de matrozen na een lange reis aan wal kwamen. De brug met sluis heette toen de Westindische Waterkering, naar het Westindische huis dat hier op het Rapenburg staat. De sluis beschermde de stad tegen hoog water op de Zuiderzee en het IJ. De kering werd overbodig door de aanleg van het Oosterdok in 1832 en de Oranjesluizen rond 1870. De oude sluis werd opgeruimd toen hier de hefbrug werd gebouwd.